De IEP-toets meet de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal en rekenen. Op taalgebied gaat het om vaardigheden zoals lezen, spelling, begrijpend luisteren en begrijpend lezen. Kinderen laten zien dat ze teksten kunnen begrijpen, informatie kunnen ophalen en taalregels kunnen toepassen. Op rekengebied gaat het om basisvaardigheden zoals optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen, maar ook om inzicht in getalrelaties en het oplossen van rekenproblemen in context. De moeilijkheidsgraad van de toets wordt aangepast aan de groep waarin het kind zit, zodat er altijd een passend beeld ontstaat van de ontwikkeling.